Twitter
- Zie voor het eerst het clipje Schouder aan schouder. Het kan de promo zijn voor een nationalistische partij. Welke stad ziet er nou zo uit? 2 weeks ago
Archief
- June 2010 (1)
- April 2010 (4)
- March 2010 (2)
- January 2010 (9)
Categorie
-
RSS
Noodweer op de Rijn bij Mannheim
Thursday, June 10, 2010
Vrijmarkt op Koninginnedag is vuilnismarkt
Tuesday, April 27, 2010
Een van de meest absurde fenomenen van Nederland is de jaarlijkse vuilnismarkt *KUCH* vrijmarkt op Koninginnedag. Kom er niet aan bij de meeste landgenoten, want het is vreselijk gezellig om collectief je hele zolder, schuur en kelder leeg te halen en daarna uit te stallen op de stoep. Een gevoel van saamhorigheid maakt zich van de natie meester als buren, burgers en buitenlui bij elkaar kunnen bekijken hoeveel rotzooi *KUCH* handelswaar zij tot nu toe hebben bewaard.
In plaats van gewoon naar de Gemeentewerf te rijden stalt Nederland op Koninginnedag poppen zonder benen, doorgezeten bankstellen, incomplete puzzels en -serviezen, vogelkooien, afgekloven speelgoed en nog veel meer uit om het meeste aan het eind van de dag weer op te bergen voor volgend jaar. Waar een klein land al niet groot in kan zijn.
Comazuipen, het grootste probleem is het woord
Friday, April 23, 2010
Over hoe een woord een verschijnsel beangstigend maakte. Een enorm mediaoffensief is uitgerukt om als hongerige wolven het fenomeen comazuipen weer te geven. Mocht je de meute in de picture geloven, dan zit er zowat geen kind van twaalf nog nuchter op de fiets. De moderne schoolfeestjes zijn veranderd in beerputten gevuld met alcohol, de pauzes zijn veranderd in gelegenheden om met Breezers het promillage in het bloed omhoog te jagen en in de vrije tijd ligt de jeugd lamgezopen in een illegale zuipkeet. Dan komen de cijfers. Het gaat om vijfhonderd jongeren per jaar en ze raken niet echt in coma, want dat is slechts een benaming. Ter informatie, Nederland telt per 18 maart 2010 430 gemeenten. Ondertussen rennen bezorgde ouders met hun straalbezopen kindertjes, lees comazuipers direct naar de eerste hulp en nemen scholen voor de feesten een blaastest af. Dat geeft houvast.
Hoe anders was het ooit. Toen werd je als onwijze jongere uiteraard ladderzat op de bruiloft van een neef. Je werd daarna pedagogisch verantwoord in de auto geduwd, heilzaam in de schuur of badkamer opgeborgen en de volgende morgen gewoon naar school getrapt. ‘Want ‘s avonds flink is ’s morgens ook flink.’
Soms zag je vader dat je stiekem zoop op een feestje. ‘Jij drinkt de hele avond alleen maar Flugel’, zei een kennis tegen zijn dochter. Ze werd uiteraard behoorlijk ziek, maar behoort tien jaar later niet tot het leger alcoholisten of wekt de indruk afgestorven hersencellen te hebben. Ze heeft het zelfs over een leerzame les.
Sinds het kind een managementproject is geworden, is die manier van benadering ondenkbaar. Van alles maakt de moderne maatschappij een SWOT-analyse, waarna de maatschappij gesteund door goedbetaalde clubjes obstakels vakkundig uit de weg ruimt. Dat heeft de maatschappij als hoog opgeleide kenniseconomie geleerd. De vaardigheid te leren van empirische ervaringen en een verbijsterde directe omgeving, is kinderen door de standaard gang naar het ziekenhuis afgenomen. De verkrijgbaarheid van drank heeft het eigen verantwoordelijkheidsbesef van de jongere en zijn omgeving verdrongen van de eerste plaats. Het is een verlies.
Wonderdadige medaille en Van Dale
Thursday, April 22, 2010
Ik zocht op internet een rozenkrans voor een communicantje, want de tijd dat er in elke hoofdstraat een relikwieënwinkel zit is allang verleden tijd en sommige communicantjes vinden tradities interessant. Ik kwam terecht bij een bedevaartshop, een soort Kevelaer maar dan online. Natuurlijk vond ik er een rozenkrans gemaakt van rode hartjes en ik vond er nog veel meer.
‘Wonderdadige medailles’ heten ze. Wonderdadig! Het woord alleen al. Ik vond het prachtig en bijzonder tegelijk. Mijn eerste indruk is juist. Het is een prachtig en vooral bijzonder woord, want Google levert op wonderdadige medaille 8910 hits en mijn digitale Van Dale geen een.
‘Wonderdadige medailles’ heten ze. Wonderdadig! Het woord alleen al. Ik vond het prachtig en bijzonder tegelijk. Mijn eerste indruk is juist. Het is een prachtig en vooral bijzonder woord, want Google levert op wonderdadige medaille 8910 hits en mijn digitale Van Dale geen een.
Openbaar vervoer rondom Nijmegen en de parafencultuur
Sunday, April 18, 2010
De auto kan niet van boord.
‘Weet je, ik breng de kinderen met de bus naar school.’ De bus u weet wel, het openbaar vervoer. Het verantwoorde en betrouwbare alternatief voor de auto, dat ook nog eens goed voor het milieu is. Mijn hart loopt spontaan over van de goede bedoelingen. De engeltjes vliegen met hun harpjes door de lucht. Nu de praktijk nog.
‘Weet je, ik breng de kinderen met de bus naar school.’ De bus u weet wel, het openbaar vervoer. Het verantwoorde en betrouwbare alternatief voor de auto, dat ook nog eens goed voor het milieu is. Mijn hart loopt spontaan over van de goede bedoelingen. De engeltjes vliegen met hun harpjes door de lucht. Nu de praktijk nog.
Om 07.05 sta ik met de kinderen bij de snelbushalte te wachten op lijn 82.
De bus van 07.09 is in een zwart gat verdwenen. De bus van 07.19 houdt eerst het verkeer op de Heerbaan op en rijdt daarna de bushalte met zes wachtende mensen voorbij. De bus van 07.29 stopt wel. Een Kan-kaartje kan ik pas na 09.00 kopen.
‘Waarom ga je niet met auto, dat is veel goedkoper?’, zegt de buschauffeur als ik mijn chipkaart langs het paaltje wapper. *ZUCHT*
Op het station komt de overstapbus niet opdagen. Dat probleem ontmoet ik in Nijmegen vaker. Het lijkt erop, dat er op de dienstregeling meer bussen staan dan er daadwerkelijk in Nijmegen rijden.
Ik bel vanuit de bus, dat de kinderen te laat op school zijn.
Later die dag ga ik met het openbaar vervoer naar Keulen. Op het station vergeet ik het vakje ‘via’ op de automaat aan te raken. Het zit namelijk onderin het scherm verstopt. In plaats van over Arnhem moet ik over Venlo. Vier keer overstappen om in Keulen te komen en langs plaatsen waarvan ik het bestaan niet vermoed. Het kaartje omwisselen is bij de automaat onmogelijk en bij de balie staat een rij van twintig reizigers.
Een conclusie weet ik die dag in elk geval te trekken. Het openbaar vervoer rondom Nijmegen is gestoeld op de parafencultuur en de baas van het product boeit het niet hoe mensen van hot naar her komen.




